Open brief aan minister-president Rutte. Toespraak van theatermaker Nick Teunissen tijdens de centrale viering Bevrijdingsdag op zondag 5 mei in Almere.

Er komt een oorlog aan. Het is geen kwestie van ‘of’, maar ‘wanneer’. Het zoemt om mij heen. Bij de bakker en op feestjes. In de kranten en politiek. In de verhalen van mijn nieuwe vrienden. In de ogen van mijn schoonfamilie. Oma zegt: ‘Mijn God…toch niet wéér?’ Ze is net 90 geworden. Voor haar wordt dit de derde keer. De rakija verdooft. Apotheken draaien overuren. De televisie staat non-stop aan. En bij het zien van het journaal, zie ik in de ogen van mijn schoonmoeder… blinde paniek. Zij weet als geen ander wat oorlog is. 

Het is twee over twaalf in Bosnië-Herzegovina. Een schitterend, maar gehavend land. Nog maar nauwelijks bekomen van de vorige oorlog. Spoedig staat het weer in brand. Als wij, het Westen, niet ingrijpen. 

Vanaf een veilige afstand hoor ik mensen roepen: ‘Ga dan in Godsnaam de straten op! Kom in opstand!’ Maar, dat hebben Bosniërs al zo vaak gedaan. Decennia lang. De overgrote meerderheid is maar met één ding bezig: overleven. Dag in, dag uit. Jarenlang. Zij zijn moe gestreden. Ze kunnen vrijwel niets. Ook al zouden zij willen. Hun handen zijn gebonden. Monddood gemaakt. Gegijzeld in hun eigen land. 

Dat komt mede door het Westen. De hoogste vertegenwoordiger van Europa in Bosnië: die zou namelijk bepalen. Zo is ’t sinds het einde van de oorlog aan ons allemaal verteld. Vandaag de dag is dat de Oostenrijkse diplomaat Valentin Inzko. Onze zetbaas met het allerlaatste woord. De man die met één pennenstreek alle maffe wetten kan blokkeren. Kwaadwillende politici wegsturen kan. Zijn schreeuw zou het verschil kunnen maken. Maar het blijft oorverdovend stil. Hij kijkt toe. Net als toen. En doet niets. En ‘niets doen’, zo weten wij inmiddels, is ook ‘iets’ doen. 

Natuurlijk zijn er ook lichtpunten van vrijheid. Massamoordenaars kregen onlangs levenslang in Den Haag. Wij hakten Monsters hun koppen af. Maar er groeiden er tientallen voor terug. De nekken werden niet dichtgeschroeid. En dus kan het zijn dat in het Servische deel van Bosnië, inmiddels de opvolgers van dat oude hatelijke regime kunnen zegevieren. 

Republika Srpska: grofweg de helft van ’t Bosnische land. Vele duizenden burgers gaan er de straten op. En dat al maandenlang. Met hun laatste restje hoop en energie. Ter nagedachtenis aan hun gestorven kinderen. Zoals onlangs, de 21-jarige maatschappijkritische David Dragičević. Voor zijn kritiek op Het Systeem werd hij verkracht, gemarteld, vermoord en in een rivier gedumpt. Zelfmoord, luidde de officiële lezing. Maar later bleek, uit een onafhankelijke autopsie, dat het wel degelijk om moord ging. De vader van David ging letterlijk schreeuwend de straat op. Maar, de leider van Republika Srpska zei tegen deze hartgebroken vader dat hij maar beter z’n mond kon houden: ‘Vader Dragičević, u heeft toch nog een kind?’ 

De mensen in Banja Luka laten zich niet kennen. Zij houden vreedzame smeekbedes voor vrijheid. Kaarsen. Liederen en woorden. De simpele vraag om een normaal leven voor je kind. Maar haat? Haat laat zich wel kennen. Het laat zich gelden. En dus moesten wij afgelopen december toezien hoe in ’t hart van Europa kinderen, jongeren, ouderen en journalisten, met wapenstok en nekklem werden opgeruimd en opgesloten. Uitgerekend op Eerste Kerstdag. Toen de diplomatie logischerwijs sliep. 

Dappere mensen dus in Banja Luka. Zij komen, ondanks dit geweld, alsnog in opstand tegen de oorlogsagenda van hun leider: Milorad Dodik. Die man van: ‘U heeft toch nog een kind?’ Onthoudt u die naam. De gevaarlijkste man van Europa die niemand hier nog kent. Graag geziene gast van Vladimir Poetin. Oorlogsprofiteur. Bloedgeld. Extreem nationalist. De man die de beginselen van genocide onlangs nog tot officiële feestdag verhief. De man die op de zwarte lijst van de Verenigde Staten staat. Schender van het Dayton Vredesakkoord. Schender van internationaal recht. Schender van mensenrechten. De man die openlijk zegt Bosnië op te willen splitsen. Nog deze week roept hij in het nieuws: ‘Dit zal de eeuw zijn van de vereniging van de Serviërs (…) Servië en Republika Srpska zijn reeds verenigd (…) Wij zijn één Volk.’ Schaamteloze continuering dus van de Groot Servisch Nationalistische Agenda. Ergo: oorlog dus. 

Milorad Dodik is een man van zijn woord. As we speak worden door hem duizenden van zijn politieagenten met oorlogswapens uitgerust. Republika Srpska: opgericht door Radovan Karadžić. Nu een politiestaat, door zijn opvolger Milorad Dodik bedient. Uitgerekend deze man is nu voorzitter van het Bosnische Presidium. De facto: de Bosnische president. Het ergste is nog wel dat wij, het Westen, dit hebben toegelaten. Wij hebben deze man destijds zelf op de troon gezet. En Bosnische mensen moeten nu lijdzaam toezien hoe, anno 2019, de oude agenda van Milošević, Mladić en Karadžić wederom wordt voortgezet. 

Stelt u zich voor hoe intimiderend dat moet zijn. Hoe dat moet voelen voor al die duizenden Bosnische nabestaanden van deportatie, genocide, verkrachtingen en ander oorlogsgeweld. Om u een vergelijkbare voorbeelden te geven… Dat u vandaag de dag met u kinderen en kleinkinderen naar Auschwitz rijdt om te herdenken, maar dat u onderweg daar naartoe, overal, aan alle lantaarnpalen, de poster van Adolf Hitler ziet prijken. Of dat de Tweede Wereldoorlog middels een vredesakkoord met het Derde Rijk was beëindigd, met als compromis dat een deel van Nederland niet meer Groningen zou heten, maar ‘Reichs Republiek Deutschland’, geschoeid op Nationaalsocialistische politiek. 

Wat moet dat wel niet teweeg brengen in de harten van mensen die niet of nog nauwelijks zijn geheeld? 

Ik kan u het antwoord geven: wanhoop, paniek, angst en depressie. De complete verlamming van een samenleving die juist verder wil. En dat alles hemelsbreed 1.300 kilometer verderop. 

De gewone man wil maar één ding: slechts in vrijheid leven. Dat is het verschil tussen Het Volk en Het Systeem. En waarom doen wij dan niets? Wij zijn toch dapper genoeg geweest om Duitsland te ontdoen van het Derde Rijk? Welke keuze gaan wij in vrijheid maken? Blijven wij met het kwaad onderhandelen? Schuiven wij het gevaar voor ons uit? Net als Lord Chamberlain toen? Wachten wij op het eerste schot? Net als in 1914 of 1992? Of treden wij eindelijk op? 

Ik ben geen activist. Ik ben geen politicus. En dus vraag ik als burger aan u, minister-president Rutte: ‘Wat kunt u, en wat gaat u doen? Gaat u regeren, of gaat u reageren samen met uw collega’s uit de EU?’ 

Eén ding is duidelijk. De vrijheid van de Balkan is ook de vrijheid en stabiliteit van Nederland. 

Zoals Edmund Burke ooit zei: ‘The only thing necessary for the triumph of evil, is for good man to do nothing.’

Afbeelding: pxhere.